Het zit erop

April op zijn mooist. De zon schijnt veel en de temperatuur is heerlijk. Heel de dag staat de deur open. Een temperatuur van circa 25 graden is hier perfect. Onze alternatieve hor is nog niet helemaal ideaal maar dat geeft niet.

Het is afronden hier. Nog een keer op bezoek bij de buren, nog een keer op bezoek bij een jong Nederlands stel dat zich hier in de buurt permanent heeft gevestigd en Miguel komt nog een keer om één en ander door te spreken. Zonnepanelen hadden we al een beetje in het vizier. Met harde wind en veel regen valt hier zomaar tot acht keer op een dag de stroom uit. Nooit lang maar wel lang genoeg om alle apparatuur uit te laten gaan. En vervolgens gaat alle apparatuur natuurlijk ook weer opstarten.

Wateropslag voor nood vonden we minder belangrijk. Totdat we laatst zomaar 3,5 dag zonder water zaten. Ergens was een pomp kapot gegaan. Toen ze na twee dagen het leidingnet met water wilden vullen, kreeg de vrachtwagen een akkefietje waardoor ze het water moesten lozen. Uiteindelijk werd een dag later het leidingnet gevuld en kon de gerepareerde pomp de boel weer op druk brengen. In de bergen moet het water toch flink omhoog om voldoende druk te krijgen.

Het blijft waanzinnig mooi en fijn hier maar het is tijd om terug naar Nederland te gaan. De bankrekening vraagt om aanvulling. Er moet geld verdiend worden en het liefst zeer spoedig ook. De storing van de auto laten we daarom eerst voor wat het is. Daar zijn we al zo lang mee bezig en het laat zich niet zomaar oplossen.

Nadat Pepe van de plaatselijke garage geknaag onder de motorkap had ontdekt, zijn we eerst op marterjacht gegaan. Die laten zich niet zomaar vangen maar wel wegjagen. Met zo’n apparaatje wat hoge tonen uitzendt en lichtflitsen geeft, jaag je alles wat knaagt weg. De ratten bleken later onder het haardhout te schuilen. Zij werden zo vrij dat ze op een middag niks anders deden dan met z’n drieën heen en weer rennen. Ook dat lijkt opgelost maar het probleem met de auto nog niet. Twee keer is er een sensor vervangen bij de Renault dealer. Maar weer brandt het lichtje met ‘controleer luchtverontreiniging’.

Wanneer we tijdens een kop koffie aan de overkant van het dal rookpluimen zien verschijnen, constateren we dat onze ‘controleer luchtverontreiniging’ hier meer hinderlijk lijkt dan zinvol. Al moeten we er natuurlijk nog steeds iets mee. De rookpluimen zijn er dagelijks. Al een paar weken zien we hoe boeren het snoeihout van de olijfbomen in kleine beheersbare plukjes opbranden. Dat is gebruikelijk hier.

Eén van de buren doet het net iets anders. Hij brengt het snoeihout bij huis en knipt alle fijne takjes met blad eraf. Dat bundelt hij en hangt hij bij de geiten. De rest brandt hij op. Ik grap tegen hem dat vervolgens mijn beddengoed stinkt als ik het gewassen heb. We kennen elkaar inmiddels een beetje. Een grapje kan.

Als we over de lage deur van het geitenhok naar binnen kijken hoe hij de bundel ophangt, zegt hij “wanneer jullie definitief hier komen wonen, krijgen jullie twee geiten”.

Ik ga er maar vanuit dat hij ook een grapje maakt.

Gerlinde Zoodsma
21 april 2026